De planeet Avond

Bijgewerkt op: 1 jun 2020

Stel nu: wij zijn niet op aarde ontstaan als mensheid, we komen ergens uit de ruimte, van een andere planeet. Als dat zo is, dan kan het niet anders of we dragen de sporen van onze vorige woon- of verblijfplaats nog met ons mee. Het vergt dan alleen speurwerk om die sporen op te sporen.

En zo’n spoor is er. Dat merken we als we ‘s ochtends uit bed willen komen. Dat gaat heel moeilijk. En ‘s avonds gaan slapen: is ook lastig. We komen namelijk van een planeet waar een dag iets langer duurt dan 24 uur. 25 misschien. En we hebben constant een beetje jetlag, omdat we steeds iets teveel moeten opschieten om die 25 uur in 24 uur te krijgen. Avondmensen? Dat zijn we allemaal. Afkomstig van de planeet Avond.

Even dichtbij beginnen: kan het Mars of Venus zijn? Het zijn allebei planeten met een dampkring, ongeveer even groot als de Aarde, dus bijna dezelfde zwaartekracht. En ze staan dichtbij, in ons eigen zonnestelsel. Vlak om de hoek.

Venus staat soms kort na zonsondergang aan de hemel en wordt dan Avondster genoemd, maar heeft een dag die 243 dagen duurt. Dat is eerder een jaar, dus dat is hem niet. Mars heeft een dag die een aardse dag en 37 minuten duurt, dus dat is perfect. Wij komen van Mars, vrouwen ook. Zeg dat maar tegen de baas als u zich verslapen hebt en te laat op uw werk komt.


Reacties

Ja, ik kom ook van Mars. Of misschien wel van een nog tragere planeet, want ik zou nog wel meer uren in de dag willen. Ik heb wel eens overwogen om een week met 6 dagen te gaan vullen, maar dan wel dagen van 28 uren: 3 uur langer wakker, 1 uur extra slaap. Dat komt precies uit, reken maar na. Dan sta je dus soms op als anderen gaan slapen, maar wat geeft dat? Misschien doe ik het nog wel eens, als experiment.

Een geruststellende gedachte is dat het ook zonder dat soort wetenschappelijke pogingen allemaal vanzelf goed gaat komen. Want de etmaal wordt langer. Als gevolg van de getijdenwerking van (vooral) de maan wordt de aardrotatie steeds trager, net zo lang totdat de aarde altijd dezelfde kant naar de maan richt. De maan heeft dat afremmen al lang geleden gedaan, waardoor we nu altijd dezelfde kant van haar zien, de 'voorkant'. Omdat er een Wet van Behoud van Impulsmoment (zeg maar: van hoeveelheid draaiing) is, moet voor de langer wordende aardse dag wel een boete betaald worden: de maan komt steeds verder van ons af te staan, waarmee het verlies van impulsmoment wordt gecompenseerd. Vroeger was de maan echt veel dichterbij.

Toegegeven: het duurt even. Maar als je een paar honderd miljoen jaar wacht, dan is de daglengte absoluut aan ons bioritme aangepast. Tot die tijd: even volhouden, met die dagelijkse jetlag.


Niko

73 keer bekeken
Schrijf een reactie aan Christiaan...

Bedankt voor de inzending!